Spring naar inhoud




- - - - -

Albus Perkamentus


Albus Perkamentus
Albus Dumbledore




Algemeen
Zijn volledige naam is Albus Parcival Wolfram Bertus Perkamentus. Perkamentus was vroeger leraar Transfiguratie op Zweinstein en afdelingshoofd van Griffoendor. Hij heeft onder andere Minerva Anderling lesgegeven. Tijdens zijn schooltijd heeft hij zelf ook in Griffoendor gezeten. Ooit is hij gevraagd als Minister van Toverkunst, maar heeft die baan afgewezen. In 1940 volgt hij Albert Wafelaar op als Schoolhoofd van Zweinstein, en dat is hij nog steeds. Men zegt dat zijn krachten kunnen wedijveren met die van Voldemort op het hoogtepunt van zijn macht. Perkamentus is het hoofd van de Orde van de Feniks en Geheimhouder van Grimboudplein 12, waar het Hoofdkwartier is gevestigd. Ook bij de oorspronkelijke Orde, stond hij bovenaan. Perkamentus wordt gezien als de enige voor wie Voldemort ooit bang was. Ook is hij er erg trots op dat hij op de Chocokikkerkaartjes staat. In Harry's schoolperiode is Perkamentus rond de 150 jaar oud.

Eigenschappen
Als hij boos is, is het heel goed voor te stellen waarom zelfs Voldemort bang voor hem is. Zijn uitdrukking is dan verschrikkelijker dan je je kunt voorstellen. Er is geen vriendelijke glimlach meer op zijn gelaat te bekennen en geen vrolijke twinkeling in de ogen achter het halfronde brilletje. Elke plooi en rimpel van zijn stokoude gezicht drukt kille woede uit en hij straalt een haast tastbaar gevoel van kracht uit, alsof hij gloeiend heet is.

Perkamentus kan Meermans spreken en verstaat Sisselspraak en Koboldtaal.

Perkamentus houdt niet van Dementors. Hij is al heel lang van mening dat het Ministerie er verkeerd aan doet om een verbond te sluiten met dat soort wezens.

Hij heeft een Hersenpan om gedachten in af te tappen, als hij vindt dat er teveel in zijn hoofd zitten. Hij kan ze dan op zijn gemak bestuderen. In die vorm is het een stuk eenvoudiger om patronen en onderlinge verbande te ontdekken.

Perkamentus leest, in tegenstelling tot zijn meeste vrienden op het Ministerie, Dreuzelkranten.

Hij heeft o.a. PUISTen gehaald voor Bezweringen en Gedaanteverwisselingen. Op zijn examen deed hij dingen met zijn toverstok die zijn examinatoren nog nooit gezien hadden.

Zijn handschrift is smal, achteroverhellend en krullerig.

Albus Perkamentus kan magie vertonen zonder de spreuken hardop te zeggen. Zo gebruikt hij bijvoorbeeld "Homenum Revelio" om Harry te kunnen zien onder zijn Onzichtbaarheidsmantel.

Perkamentus' boeman is het dode lichaam van zijn zusje Ariana.

Uiterlijk
Hij is lang en mager, heeft een lange, zilvergrijze baard en snor en op zijn lange, kromme neus staat een halvemaans-brilletje waarachter lichtblauwe, twinkelende ogen schuilgaan. Zijn wenkbrauwen zijn dik en al even zilvergrijs als zijn baard. Zijn vingers zijn ook erg lang, wat erop duidt dat hij een machtige tovenaar is. Hij heeft een litteken boven zijn linkerknie die precies op de plattegrond van de Londense metro lijkt. Vijftig jaar geleden had hij golvend, kastanjebruin haar gehad.

Hij heeft o.a. een donkergroen gewaad met geborduurde sterren en manen. Hij heeft een schitterend geborduurde, paars met gouden kamerjas en een sneeuwwit nachthemd.

Passies
Bowlen en kamermuziek zijn 2 van zijn favoriete dingen. Ook is hij gek op snoepjes, vooral zuurtjes. Smekkies in alle smaken eet hij niet meer, omdat hij er in zijn jonge jaren eens eentje had gegeten met braakselsmaak. Wanneer hij bij Harry op bezoek gaat in de Ziekenzaal, tijdens het eerste jaar, waagt hij het erop er weer een te proeven. Helaas heeft hij er eentje met oorsmeersmaak! Als Perkamentus iets ernstigs heeft meegemaakt, knapt hij altijd goed op van veel bedrust en een kop warme chocolademelk.

De woorden die hij sprak na de Indelingsceremonie in Harry’s eerste jaar waren: Domkop! Blubber! Kleinood! Kriel!

Familie
Albus Perkamentus heeft 1 broer, Desiderius. Ook hij is lid van de Orde van de Feniks.

Zijn zusje Ariana is toen ze zes jaar oud was, gek gemaakt door drie Dreuzeljongens die haar hadden zien toveren toen ze stiekem door de heg van de achtertuin gluurden. Ariana had haar toverkracht nog niet onder controle, en toen ze niet nog eens kon laten zien hoe ze dat kunstje dat de jongens gezien hadden, had gedaan, vielen ze haar aan. Ze maakten haar kapot: ze werd nooit meer de oude. Ze weigerde om nog te toveren, maar kon haar toverkracht ook niet zomaar laten verdwijnen; die woekerde vanbinnen voort en maakte haar gek. Als ze haar magie echt niet meer onder controle had, spatte die er soms opeens uit.

Toen Albus' vader Parcival zich wreekte op deze kinderen, werd hij naar Azkaban verbannen, waar hij is gestorven. Hij heeft nooit verteld waarom hij het gedaan had, want als ze op het Ministerie gehoord hadden wat er van Ariana was geworden, zou ze voorgoed zijn opgeborden in het Sint Holisto en hadden ze haar als een ernstige bedreiging voor het Internationale Statuut van Geheimhouding beschouwd, omdat ze in haar labiele toestand ieder moment met toverkracht kon gaan sproeien.

Na de verbanning van haar man, verhuisde Kendra met haar kinderen naar Goderics Eind.

Ariana was zo krankzinnig gemaakt dat ze haar tovercapaciteiten niet meer in bedwang had. Vanaf dat moment werd zij ook afgesloten van de buitenwereld. Mensen die van haar bestaan af wisten, werd gezegd dat ze ziek was en in zwakke toestand verkeerde en ze kwam het huis praktisch niet meer uit. Haar moeder verzorgde haar en ze probeerden haar zo kalm en gelukkig mogelijk te houden.

Van het ene op het andere moment konden er ineens allerlei toverstralen uit haar toverstok schieten, wanneer ze een soort woede-aanval kreeg. Tijdens zo'n aanval, toen ze veertien jaar oud was, werd haar moeder, Kendra, geraakt en gedood. Volgens Desiderius was het een ongeluk. Vanaf dat moment was Albus als oudste zoon van de familie, verantwoordelijk voor zijn broer en zusje.

Albus en Desiderius schreven Kendra's dood naar de buitenwereld toe altijd toe aan een "mislukte toverspreuk".

Hij haatte destijds die verantwoordelijkheid en wilde met Gellert Grindelwald de wereld veroveren en heersen over de Dreuzels, zodat dat wat zijn zusje was aangedaan, nooit meer voor zou kunnen komen. Zijn broer Desiderius ging hier tegenin en in een duel tussen Gellert Grindelwald, Albus en Desiderius werd plotseling Albus' zusje Ariana geraakt en vermoord. Wie de precieze dader van de drie was, werd nooit bekend.

Albus Perkamentus en Gellert Grindelwald
Perkamentus was homoseksueel en had vlak na zijn schoolperiode gevoelens voor Gellert Grindelwald, de neef van familievriendin Mathilda Belladonna die bij zijn tante kwam te wonen en zou uitgroeien tot een hele duistere tovenaar.

Gellert was één van de weinigen met wie Albus op zijn eigen niveau kon praten en hij wilde samen met hem de wereld veroveren, tovenaars laten heersen en zorgen dat geen enkele tovenaar nog bang hoefde te zijn voor Dreuzels. Samen hadden zij ook de leus "Het Doel Heiligt de Middelen".

Deze leus liet Grindelwald later zelfs aanbrengen boven de poort van de gevangenis Normengard, die hij liet bouwen om zijn tegenstanders in op te sluiten.

Perkamentus zijn plicht om voor zijn broer en zusje te zorgen, weerhield hem hier echter van. Hij haatte destijds die verantwoordelijkheid en wilde met Gellert Grindelwald de wereld veroveren en heersen over de Dreuzels, zodat dat wat zijn zusje was aangedaan, nooit meer voor zou kunnen komen. Zijn broer Desiderius ging hier tegenin en in een duel tussen Gellert Grindelwald, Albus en Desiderius werd plotseling Albus' zusje Ariana geraakt en vermoord. Wie de precieze dader van de drie was, werd nooit bekend. Wel is Grindelwald de dag daarna nog vertrokken per Viavia, om nooit meer iets van zich te laten horen.

Gellert Grindelwald sloeg de verkeerde kant op met zijn ideeën. Door zijn gevoelens voor Gellert, wilde Perkamentus dit niet inzien en het niet tegen hem opnemen, tot het moment kwam waarop hij besefte dat hij de enige was die Grindelwald nog kon stoppen. In 1945 kwam dat befaamde duel waarin Perkamentus Grindelwald versloeg.

Zegevlier
Volgens Harry gebruikte Grindelwald de Zegevlier om zijn dictatuur te vestigen. Op het hoogtepunt van zijn macht, toen Perkamentus wist dat hij de enige was die hem nog kon tegenhouden, duelleerde hij met Grindelwald en veroverde de Zegevlier.

Titels
Zelf is Perkamentus alchemist. Zijn volledige titel is: Commandeur in de orde van Merlijn, Internationale Tovergrootmeester, Heksenleider 1e Klas, Opperste Hotemetoot van de Wereldbond van Toverlieden en Hoofdbewindwijzer van de Wikenweegschaar.

Toen hij net van school kwam, had hij reeds de volgende titels:

Hoofdmonitor, Klassenoudste, winnaar van de Zebedeüs Pieper Penning voor Uitzonderlijk Spreukspreken, Nationaal Jeugdafgevaardigde van de Wikenweegschaar en winaar van de Gouden Medaille wegen Baanbrekende Bijdragen aan het Internationaal Alchemistensymposium in Caïro.

Na zijn schooltijd
Op school was Perkamentus al uitzonderlijk en na zijn schooltijd wilde hij aanvankelijk een wereldreis maken met zijn vriend Engelbert Dop, maar het overlijden van Perkamentus' moeder Kendra, zorgde ervoor dat Albus thuis bleef om voor zijn jongere broer en zus te zorgen.

Bekendheid
Perkamentus is vooral bekend door het verslaan van de duistere tovenaar Grindelwald in 1945, om zijn ontdekking van de twaalf toepassingen van drakenbloed en om zijn werk in verband met alchemie samen met zijn partner Nicolaas Flamel. Ook heeft hij samen met Nicolaas Flamel de Steen der Wijzen gemaakt. Verder verscheen van hem ooit een essay in tovenaarstijdschrift "Hedendaagse Gedaanteverwisselingen" over "Transformatie Tussen Soorten".

Vriendschap met Minerva Anderling
Albus Perkamentus vond Minerva op een avond huilend in haar klaslokaal. Ze was toen net in dienst als lerares en had gehoord dat haar eerdere liefde, waar ze nog steeds gevoelens voor had, was getrouwd met een andere vrouw. Ze biechtte haar hele liefdesverhaal aan Perkamentus op. Albus bood zowel ontspanning als wijsheid en vertelde Minerva van zijn eigen familiegeschiedenis, die Minerva nog niet bekend was. De vertrouwenszaken die die nacht werden uitgewisseld tussen twee intens gereserveerde persoonlijkheden, vormden de basis van een eeuwigdurend wederzijds respect en vriendschap.

Perkamentus en Harry
Perkamentus was degene die besliste dat Harry bij zijn enige overgebleven familieleden, de Duffelingen, moest gaan wonen.

Huisdieren en bezittingen
Verder heeft Perkamentus een erg speciaal horloge. Ook heeft hij een Feniks als huisdier, die luistert naar de naam Felix en een aantal keren heel handig blijkt te zijn.

Voldemort
Perkamentus is de enige tovenaar waar Voldemort ooit bang voor is geweest. In het verleden gaf Perkamentus hem al les, en was het zelfs Perkamentus die hem uit het Weeshuis haalde. Als Voldemort terug komt naar Zweinstein en een baan vraagt als leraar, wordt hij door Perkamentus afgewezen. Ook weigert deze hem Voldemort te noemen, maar blijft hem aanspreken met Marten Vilijn. Voldemort snapt niet dat Perkamentus op Zweinstein is gebleven, zelfs nadat hem tot 3 keer toe de post van Minister van Toverkunst was aangeboden, maar voor Perkamentus is er niets belangrijker dan het doorgeven van oude kennis en het scherpen van jonge geesten. Een politieke carriére heeft Perkamentus nooit kunnen boeien.

Perkamentus is jaren bezig geweest met het onderzoeken van Voldemorts verleden. Hij komt er ook achter dat Voldemort Gruzielementen heeft, een deelt deze informatie later met Harry. In de ruïnes van het Huis Mergel, vond hij de Ring van Zalazar Zwadderich en vernietigde deze.

Wijze uitspraken
Perkamentus staat bekend om zijn wijsheid, en hieronder volgen een aantal van zijn wijze uitspraken:

"Voor de goed geordende geest is de dood slechts het volgende, grote avontuur".

"Noem dingen altijd bij hun naam. De angst voor een naam vergroot je angst voor het ding op zich".

"De waarheid is iets prachtigs en vreselijks en moet met de grootst mogelijke omzichtigheid worden behandeld".

"Nieuwsgierigheid is geen zonde. Alleen moeten we voorzichtig met onze nieuwsgierigheid omgaan, dat zeker."

Toen Harry hem vertelde dat Voldemort hem na zijn wedergeboorte weer aan kon raken, dacht Harry een soort flits van triomf in zijn ogen te zien, die een tel later weer verdwenen was.

“Het doet er niet toe hoe iemand geboren wordt, maar hoe hij of zij zich ontwikkelt.”

“Begrip is de eerste stap op weg naar aanvaarding, en pas na aanvaarding kan er genezing plaatsvinden.”

"We vrezen alleen het onbekende als we dood en duisternis zien, verder niets."

Boek 1
In Harry's eerste jaar, geeft hij hem de Onzichtbaarheidsmantel van Harry's vader voor Kerst. Zelf zegt hij geen Onzichtbaarheidsmantel nodig te hebben om onzichtbaar te zijn. Ook legt Perkamentus Harry uit wat de Spiegel van Neregeb doet, en het is Perkamentus die de Steen der Wijzen met deze Spiegel bewaakt. Als Perkamentus zelf in de Spiegel kijkt, ziet hij, zegt hij tegen Harry, zichzelf met een paar dikke, wollen sokken in zijn hand. In werkelijkheid ziet hij, eigenlijk net als Harry, zijn eigen familie; levend en herenigd.

Boek 2
In Harry's tweede jaar, wanneer de Geheime Kamer is geopend, weet Lucius Malfidus ervoor te zorgen dat Perkamentus (tijdelijk) wordt afgezet als Schoolhoofd. Ondanks dat Droebel het er niet mee eens is, geldt het schorsingsbevel. Perkamentus laat op dat moment weten dat hij de school pas echt zal hebben verlaten, als niemand hem meer trouw is.

Boek 5
Perkamentus heeft erg veel macht in de Toverwereld. Als Harry 15 is, en de Dementors die hem en Dirk aanvallen, wegjaagt door een Patronus op te roepen, wordt eigenlijk besloten dat zijn toverstok in tweeën moet worden gebroken en dat hij verwijderd wordt van Zweinstein. Ook zou er een hoorzitting komen. Perkamentus weet de bovenstaande maatregelen uit te stellen tot de hoorzitting, waar hij later als getuige voor Harry zal verschijnen, door naar het Ministerie van Toverkunst te gaan. Om zulke beslissingen terug te draaien, moet je heel veel macht en respect hebben bij het Ministerie.

Later blijkt dat Droebel hem maar een paniekzaaier vindt, en probeert hem een slechte naam te bezorgen op het Ministerie. Hij wil iedereen onstlaan die contact heeft met Perkamentus. De werkelijke reden, is dat Droebel bang is voor Perkamentus. Hij is bang dat Perkamentus hem wil verdringen en zelf Minister van Toverkunst wil worden, hoewel Perkamentus nooit op dat baantje is uitgeweest. Diep van binnen weet Droebel dat Perkamentus veel slimmer is dan hij, een veel machtiger tovernaar, en toen hij pas Minister was vroeg hij Perkamentus constant om hulp en raad. Maar blijkbaar is hij de laatste tijd een stuk zelfverzekerder en geniet hij van zijn macht. Hij vindt het heerlijk om Minister van Toverkunst te zijn en hij heeft zichzelf wijsgemaakt dat hij de slimmerik is en Perkamentus de onverantwoordelijke onruststoker. Hij weet dat hij, als hij accepteert dat Voldemort is teruggekeerd, met problemen te kampen krijgt waar het Ministerie 14 jaar geen last van heeft gehad. Droebel kan zichzelf er niet toe zetten om dat onder ogen te zien. Het is veel geruststellender om te geloven dat Perkamentus aan de poten van zijn stoel zaagt en daarom liegt.

Het Ministerie stemt hem weg als voorzitter van het Internationaal Overlegorgaan van Heksenmeesters en neemt zijn baantje als Hoofdbewindwijzer van de Wikenweegschaar af. Ook dreigen ze ermee zijn Orde van Merlijn, Eerste Klas in te nemen. Deze benoemingen krijgt hij later echter wel weer terug, als blijkt dat hij gelijk heeft gehad. Perkamentus vindt alles best, zolang ze zijn foto maar op de Chocokikkerkaartjes laten staan.

Aan het eind van het boek, is het Perkamentus die ervoor zorgt dat veel Dooddoeners op het Departement van Mystificatie worden uitgeschakeld.

Als Voldemort Harry wil doden met Avada Kedavra in de Hal van het Ministerie van Toverkunst, springt ineens het gouden beeld van de Tovenaar in de fontein, tussen hen in en vangt de spreuk op. Voldemort komt erachter dat Perkamentus is gearriveerd. Perkamentus gaat met hem in gevecht en weet met een simpel zwiepje van zijn toverstok, al zo'n krachtige spreuk af te vuren dat Voldemort gedwongen is een glanzend zilveren schild op te roepen voor zijn bescherming.

Als Voldemort Perkamentus bijna raakt met Avada Kedavra, vliegt Felix de Feniks op hem af en slikt de straal in, waarna hij direct herboren wordt als klein Fenikskuikentje.

Ineens neemt Voldemort bezit van Harry's lichaam en vraagt aan Perkamentus om hem te doden. Harry voelt een vreselijke pijn, maar ineens Verschijnselen de Schouwers op het Ministerie en vlucht Voldemort.

Perkamentus maakt aan het eind van het vijfde boek, zijn excuus tegen Harry, omdat hij hem niet eerder heeft verteld waarom Voldemort hem als kind wilde doden. Hij vertelt hem over de Profetie, en wat die precies inhoudt.

Boek 6
Nu het bekend is geworden dat Voldemort is teruggekeerd, is Perkamentus opnieuw aangesteld als Hoofdbewindwijzer van de Wikenweegschaar. Rufus Schobbejak heeft al in het begin van zijn nieuwe Ministerschap een ontmoeting geregeld met Perkamentus, en hij wilde Harry gebruiken om iedereen te laten denken dat het Ministerie van Toverkunst goed bezig was. Perkamentus was het hier echter niet mee eens.

Voor het eerst in zijn leven, hoeft Harry maar 2 weken van de zomervakantie door te brengen bij de Duffelingen. Door Perkamentus wordt hij daar opgehaald en naar Het Nest gebracht, waar hij de rest van de zomervakantie door mag brengen. Voordat ze daar naartoe gaan, gaan ze echter eerst nog wel langs het huis van Hildebrand Slakhoorn om hem ervan te overtuigen het nieuwe jaar les te gaan geven op Zweinstein.

In het zesde boek is Perkamentus duidelijk ouder aan het worden. Zijn speurtocht naar de manier om Voldemort te doden eist steeds meer van hem en hij moet vaak een paar dagen van Zweinstein af. In het zesde boek, geeft hij ook speciale "lessen" aan Harry, waarin hij hem alles leert wat hij zelf weet over Voldemort. Belangrijke herinneringen aan hem, deelt hij met Harry in de Hersenpan op zijn kantoor. Zo ook de herrinering, hoe Perkamentus Voldemort vroeger zelf bij het Weeshuis heeft weggehaald.

Het hele boek al, is het opvallend hoe Perkamentus zijn toverstokhand zwart en geblakerd is. Later in het boek, wordt het duidelijk dat dit komt doordat Perkamentus de Ring van Zwadderich (Één van de Gruzielementen) tijdens de zomervakantie heeft vernietigd.

Tijdens het schoolseizoen is Perkamentus ook erg vaak afwezig. Als hij er niet is, is bij bezig Gruzielementen op te sporen, en heeft hij nog extra beveiligingsmaatregelen lopen op Zweinstein.

Al sinds Voldemort terug keert, wil het Ministerie van Toverkunst dat Harry iedereen vertelt hoe goed het Ministerie bezig is. Dit proberen ze eerst via Perkamentus, maar die verleent hier zijn medewerking niet aan. Als Rufus Schobbejak uiteindelijk een andere manier vindt om Harry te spreken, en Harry hem niks vertelt, noemt Rufus hem de "Trouwe volgeling van Perkamentus" en Harry zegt dat hij dat ook is. Perkamentus is erg geroerd hierdoor.

Samen met Harry, gaat Perkamentus aan het einde van het boek naar De Grot waar het Medaillon van Zwadderich te vinden is: één van de Gruzielementen van Voldemort. Harry mag met hem mee, maar op de voorwaarde dat Harry precies doet wat hij zegt. Wanneer Perkamentus moet drinken van de vloeistof die het Medaillon bewaakt, eist hij van Harry dat Harry hem door laat drinken, al ondergaat hij hevige pijnen en zegt hij dat hij het niet wil. Harry belooft hem dit, en al doet het hem pijn om Perkamentus zo te zien lijden, hij houdt zich aan zijn woord. Uiteindelijk is al het vergif op, en kan Perkamentus hevig verzwakt met Harry mee terug gaan naar Zweinstein.

Aan het eind van het zesde boek, wordt Albus Perkamentus met de Avada Kedavra vloek gedood door Severus Sneep. Er is een einde gekomen aan "de enige tovenaar die Voldemort ooit vreesde" en Harry zal het verder zonder hem moeten doen.

Harry en Hagrid vinden Perkamentus onderaan de Astronomietoren, dood. Hij ligt slap en vermorzeld, met zijn armen en benen gespreid. De ogen van Perkamentus zijn gesloten, en als zijn ledematen er niet onder zo'n vreemde hoek bij hadden gelegen, had je kunnen denken dat hij sliep. Harry zette het halfronde brilletje recht op de neus van perkamentus en veegde een straaltje bloed van de mond.

Na de dood van Perkamentus, vertelt Anderling dat ze er niet van is overtuigd dat het volgende jaar, de school open moet gaan. Stronk weet zeker dat de school open moet blijven, dat zou Perkamentus volgens haar gewild hebben. Slakhoorn denkt dat veel ouders hun kind niet meer naar Zweinstein zullen laten gaan. Volgens Banning moet het schoolbestuur geraadpleegd worden. Hagrid zegt dat hij sowieso op school zal blijven, omdat het zijn thuis is, hoewel het nooit hetzelfde zal worden zonder Perkamentus. Uiteindelijk besluit Anderling dat het schoolbestuur de uiteindelijke beslissing mag nemen.

Boek 7
Perkamentus hangt nu als schilderij tussen de portrettenlijst van overleden Schoolhoofden, in het Schoolhoofdkantoor op Zweinstein.

In boek 7 komen we, ondanks Perkamentus zijn dood, toch nog nieuwe dingen over hem te weten, waaronder het feit dat hij vrienden is geweest met Gellert Grindelwald.

Rita Pulpers heeft haar visie over de relatie tussen Perkamentus en Grindelwald uiteengezet in haar boek "Het Leven en de Leugens van Albus Perkamentus". Klik hier voor de desbetreffende passage.

Na zijn dood, komt het lichaam van Perkamentus, in een lijkwade gehuld, te liggen in een tombe van wit marmer, aan de oever van het Grote Meer. Als Voldemort achter de Zegevlier aan zit, breekt hij in bij deze tombe, om Perkamentus zijn toverstok onder zijn handen weg te stelen.

Zijn schilderij hangt recht achter de stoel van het schoolhoofd in zijn oude kamer.

Erfstukken
Wanneer Perkamentus sterft, laat hij een aantal erfstukken na. Het overgrote deel van zijn bezittingen - zijn privébibliotheek, magische instrumenten en overige persoonlijke eigendommen - heeft hij aan Zweinstein nagelaten.

Aan Ron laat Perkamentus zijn Uitsteker na, aan Hermelien zijn editie van De Vertelsels van Baker de Bard en aan Harry de Snaai die hij gevangen heeft tijdens zijn allereerste Zwerkbalwedstrijd op Zweinstein. Ook laat hij het Zwaard van Goderic Griffoendor na aan Harry, maar dat krijgt Harry niet van Schobbejak, omdat deze van mening is dat dit een historisch artefact is dat toebehoort aan Zweinstein. De andere voorwerpen krijgen Harry, Ron en Hermelien pas na een maand, omdat ze eerst conform het Decreet Betreffende Verantwoorde Verbeurdverklaring, aan grondig onderzoek zijn blootgesteld door het Ministerie van Toverkunst.

Herinneringen van Sneep
Na Sneeps dood, gaat Harry naar de kamer van het schoolhoofd en giet de herinneringen van Sneep in de Hersenpan. De negende herinnering toont hoe Sneep toenadering zoekt tot Perkamentus, nadat hij de inhoud van de Profetie heeft doorgespeeld aan Voldemort. Voldemort denkt dat het op Lily's zoontje slaat. Sneep vertelt dat hij Voldemort heeft gevraagd om de moeder genade te schenken in ruil voor haar zoon, waarop Perkamentus hem minachtend zegt dat hij van hem walgt. Sneep smeekt hem om Lily en haar gezin te beschermen in ruil voor alles wat Perkamentus maar wil.

In de tiende herinnering verwijt Sneep, Perkamentus de dood van Lily. Perkamentus zegt dat James en Lily de verkeerde persoon hebben vertrouwd, maar dat hun zoontje nog leeft en dat hij dezelfde ogen heeft als zijn moeder. Perkamentus zegt hem dat als hij echt om Lily geeft, hij Perkamentus moet helpen om haar zoon te beschermen wanneer de Heer van het Duister terugkeert. Sneep stemt hierin toe, als Perkamentus het nooit aan iemand zal vertellen.

Herinnering elf is kort. Terwijl Sneep tegen Perkamentus klaagt over Harry, vraagt Perkamentus hem om Krinkel in de gaten te houden.

In de twaalfde herinnering vertelt Sneep aan Perkamentus dat het Duistere Teken weer donkerder wordt en dan Karkarov van plan is te vluchten als het gaat branden. Wanneer Perkamentus hem vraagt of hij dat voorbeeld wil volgen, zegt Sneep dat niet te doen. Perkamentus zegt dat Sneep veel en veel moediger is dan Karkarov en dat hij wel eens denkt dat ze te vroeg Sorteren...

Herinnering dertien vindt plaats op het moment nadat Perkamentus de Ring van Zalazar Zwadderich heeft vernietigd. Hij hangt opzijgezakt in de troonachtige stoel achter zijn bureau. Hij is maar half bij bewustzijn en zijn zwarte, verschroeide rechterhand bengelt naast de stoel. Sneep mompelt bezweringen, wijst met zijn toverstok op de pols van Perkamentus en giet met zijn linkerhand een beker vol dikke, goudkleurige toverdrank in zijn mond. Hij is boos op Perkamentus omdat hij de Ring heeft omgedaan terwijl hij wist dat die vervloekt was. Perkamentus zegt dat de verleiding te groot was. Perkamentus wist dat de steen op de Ring, de Steen van Wederkeer was. Hij vraagt aan Sneep hoe lang hij nog te leven heeft. Sneep legt hem uit dat de vloek niet altijd in bedwang gehouden kan worden en dat hij op een gegeven moment verder zal gaan. Sneep verwacht dat Perkamentus geen jaar meer te leven heeft. Ze hebben het over de opdracht die Draco heeft gekregen om Perkamentus te vermoorden, en dat het eigenlijk slechts een straf is voor Draco's ouders, omdat Voldemort niet verwacht dat Draco zal slagen en hij in dat geval wil dat Sneep die klus klaart. Perkamentus vraagt aan Sneep om tegen die tijd dat Voldemort de school in zijn macht heeft, alles te doen wat in zijn vermogen ligt om de leerlingen te beschermen. Hij vraagt hem ook om Draco hulp en advies aan te bieden, hoewel Sneep hem vertelt dat Draco hem de schuld geeft van het feit dat Lucius uit de gratie is geraakt, omdat hij denkt dat Sneep op zijn positie uit was. Perkamentus wil dat, als het erop aankomt, Sneep hem doodt en niet Draco. Perkamentus wil liever een snel en pijnloos einde, dan de langdurige en bloederige toestand die het ongetwijfeld wordt als bijvoorbeeld Fenrir Vaalhaar erbij wordt betrokken, of Bellatrix van Detta. Sneep stemt hiermee in.

In herinnering veertien slenteren Sneep en Perkamentus in de avondschemering over het verlaten schoolterrein, terwijl Sneep aan Perkamentus vraagt wat hij die avonden met Harry uitspookt. Sneep vindt het vervelend dat Perkamentus bepaalde informatie wel aan Harry toevertrouwt, maar niet aan hem, terwijl hij met gevaar voor eigen leven als dubbelspion fungeert. Sneep maakt een woedende en opstandige indruk en Perkamentus vraagt hem om om 11 uur die avond naar zijn kamer te komen. Dan hoeft hij niet meer te klagen dat Perkamentus hem niet in vertrouwen neemt.

Herinnering vijftien speelt zich af in de kamer van Perkamentus. Perkamentus vraagt om op het moment dat Voldemort zijn slang Nagini beschermt en geen opdrachten meer laat uitvoeren, aan Harry bekend te maken dat een deel van Voldemort in Harry's lichaam voortleeft en dat Voldemort hem moet doden om zelf sterfelijk te kunnen worden. Sneep voelt zich verraden, omdat Perkamentus Harry zou beschermen en hij er nu achter komt dat Harry alleen is gespaard om op het juiste moment, op de juiste manier dood te kunnen gaan. Als Perkamentus hem vraagt of hij dan toch gesteld is geraakt op Harry, laat Sneep zijn Patronus zien: Een hinde, net als die van Lily. Na al die jaren houdt hij nog steeds van Harry's moeder.

Herinnering zestien vindt plaats na de dood van Perkamentus. Sneep krijgt instructies van Perkamentus' portret. Hij vertelt Sneep, dat Sneep aan Volemort de juiste datum van Harry's vertrek bij zijn familie moet doorgeven, zodat Voldemort niet achterdochtig wordt en dat hij moet zorgen voor nep-Harry's om de veiligheid van de echte te garanderen. Hij raadt hem aan om dit te doen door een Waanzichtspreuk over Levenius Lorrebos uit te spreken. Als Sneep gedwongen wordt aan de achtervolging deel te nemen, moet hij van Perkamentus zijn rol met overgave spelen, zodat hij zo lang mogelijk in een goed blaadje blijft staan bij Voldemort. Perkamentus wil niet dat Zweinstein anders wordt overgeleverd aan de genade van de Kragges.

In herinnering twintig vertelt Firminus Nigellus aan Severus Sneep waar Harry, Ron en Hermelien kamperen. Het portret van Perkamentus geeft Sneep de opdracht het zwaard van Griffoendor bij ze te bezorgen, zonder te laten weten dat het van hem afkomstig is, zodat Voldemort er nooit via Harry's gedachten achter kan komen dat Sneep hem heeft geholpen. Het portret zwaait opzij en onthult een geheime ruimte, waar Sneep het zwaard van Griffoendor uit haalt.

Harry's "dood"
Nadat Harry de confrontatie met Voldemort is aangegaan en Voldemort de Vloek des Doods heeft uitgesproken, belandt hij in een soort tussenfase tussen leven en dood. Hij ligt in een heldere mist, op een witte vloer. Een enorm, koepelvormig glazen dak glinstert in het zonlicht. Het is een kolossale open ruimte, zonnig en schoon en veel groter dan de Grote Zaal.

Geposte afbeelding
Spartelend op de grond, ligt Voldemort in de gedaante van een klein, naakt kind. De huid van het schepsel is rauw en rood, alsof het gevild is en het ligt rillend onder een stoel. Blijkbaar is het daar achtergelaten, als iets ongewensts, weggestopt waar niemand het kan zien. Het moet moeite doen om adem te halen. Als Harry er twijfelend naartoe loopt, verschijnt Perkamentus, kwiek en energiek, in een golfblauw gewaad. Hij vertelt Harry dat hij niks kan doen voor het kind.

Perkamentus legt Harry uit dat hij het zevende Gruzielement is en dat, doordat Voldemort zijn bloed heeft gestolen, de bescherming van Lily nog door Voldemorts aderen stroomt en daarmee Harry in leven houdt.

Perkamentus bekent aan Harry dat hij en Gellert Grindelwald op zoek waren naar de Relieken van de Dood en dat Grindelwald naar Goderics Eind kwam omdat het graf van Ignotus Prosper zich daar bevond, de derde broer uit het vertaal over de Relieken. Perkamentus denkt niet dat het verhaal helemaal klopt zoals het verteld wordt, maar eerder dat de Prospers buitengewoon getalenteerde en gevaarlijke tovenaars waren, die zelf die drie machtige voorwerpen vervaardigd hebben. Ook bekent hij dat hij, toen James vertelde over zijn Onzichtbaarheidsmantel, opnieuw geprikkeld werd door het verhaal over de Relieken en de mantel wilde bestuderen. Toen James overleed, had Perkamentus ineens twee Relieken voor zichzelf!

Ook vertelt hij open en eerlijk dat hij vroeger zelfzuchtig was en dat hij het feit dat hij de verantwoordelijkheid kreeg over een beschadigde zus en een onhandelbare broer, een verspilling vond van zijn talent en een beknotting van zijn vrijheid. Hij liet zich meevoeren door de plannen van Grindelwald en hoewel hij waarschijnlijk diep van binnen wel wist wie Grindelwald echt was, sloot hij daar zijn ogen voor. Toch keken ze allebei anders tegen zaken aan. De Steen van Wederkeer betekende bijvoorbeeld voor Grindelwald een lever van Necroten. Voor Perkamentus betekende die de terugkeer van zijn ouders en het einde van zijn verantwoordelijkheid voor zijn broer en zusje.

Toen na het gevecht waarbij Ariana om het leven kwam, Grindelwald vluchtte, probeerde Perkamentus om hem te negeren. Hij wist dat Grindelwald bezig was een leger op te bouwen, maar stelde keer op keer de confrontatie uit, uit angst voor de waarheid. Hij wist niet wie Ariana uiteindelijk gedood had en was bang dat Grindelwald dat wel wist en hem zou vertellen dat hij dat zelf was geweest. Uiteindelijk kon hij de moorden van Grindelwald niet langer negeren en ging het duel aan, wat hij won. Hij veroverde daarmee de Zegevlier en Grindelwald belandde in Normengard.

Grindelwald loog jaren later tegen Voldemort en zei dat hij de stok nooit gehad heeft. Ze zeggen dat hij in latere jaren blijk gaf van berouw, eenzaam in zijn cel in Normengard.

Perkamentus bekent ook dat hij de Steen van Wederkeer probeerde te gebruiken om zijn familie terug te halen en dat dat een dwaze actie was, waarmee hij zichzelf heeft bewezen na al die jaren nog steeds niks geleerd te hebben.

Na het gesprek met Perkamentus, besluit Harry om weer terug te keren naar de aarde en zijn strijd tegen Voldemort af te maken.

Na de dood van Voldemort
Harry neemt Ron en Hermelien, na de dood van Voldemort, mee naar de kamer van Perkamentus om ze het één en ander uit te leggen. Daar aangekomen, krijgt hij direct een staande ovatie van alle portretten van ex-schoolhoofden die er hangen. De tranen van Perkamentus' portret, glijden onder het halfronde brilletje vandaan en druppen in de lange, zilvergrijze baard en de trots en dankbaarheid die hij uitstraalt, zijn een even grote balsem voor Harry's ziel als het lied van de feniks. Harry richt zijn woorden tot Perkamentus.

In cryptische omschrijvingen, vertelt Harry dat de Steen van Wederkeer in het Verboden Bos is achtergebleven, waar niemand iets van weet en dat hij de Mantel van Onzichtbaarheid in zijn bezit houdt. Tot slot zegt hij dat hij de Zegevlier niet wil hebben, en met de Zegevlier repareert hij zijn eigen toverstok, die weer heel wordt. "Ik leg de Zegevlier terug op de plaats waar hij vandaan kwam", vervolgt hij en Perkamentus kijkt hem met enorm veel genegenheid en bewondering aan. Als Harry een natuurlijke dood sterft, wordt de macht van de toverstok overwonnen en dat zal het einde zijn van de Zegevlier.

Albus Dumbledore
Albus is het Latijnse woord voor wit. Hij heeft een lange witte baard en het hij is een goed mens. Wit is de kleur die meestal voor het goede en reine staat. Wit kan ook de kleur van rouw zijn.
Geposte afbeelding
Ook is het de oude naam van Schotland.

Dumbledore is een oud Engels woord voor Hommel. Hij is ook wel iemand die altijd in zichzelf zit te hummen. Eventueel kan het ook nog een samentrekking zijn van de Engelse woorden 'dumb-bell' en 'dorment', dat samen 'slapende stommerik' betekent...


_______________________________________________________________________________________
De citaten en onderdelen van deze tekst zijn afkomstig uit één of meerdere van de volgende boeken: Harry Potter en de Steen der Wijzen, Harry Potter en de Geheime Kamer, Harry Potter en de Gevangene van Azkaban, Harry Potter en de Vuurbeker, Harry Potter en de Orde van de Feniks, Harry Potter en de Halfbloed Prins, Harry Potter en de Relieken van de Dood, Zwerkbal door de Eeuwen Heen, Fabeldieren en Waar ze te Vinden, De Vertelsels van Baker de Bard en van Pottermore. Van al deze boeken rust het copyright bij Uitgeverij de Harmonie en Warner Brothers. De boeken zijn geschreven door J.K. Rowling.
  • 0


0 Commentaren