Jump to content
Wizardzone - Harry Potter Community

Blossom

Member +
  • Content Count

    758
  • Joined

  • Last visited

Community Reputation

207 Klassenoudste

About Blossom

  • Rank
    Isn't it Wonderful? Just with my voice!
  • Birthday 12/05/1974

Contact Methods

  • Pottermore
    BatRose106

Profile Information

  • Geslacht
    Heks
  • Interesses
    Schrijven, vooral veel schrijven!
  1. Zie hier: Mijn eerste NHP-verhaal! Het is een schrijfsel waarmee ik een wedstrijdje won. Bij deze wedstrijd was het de bedoeling een verhaallijn te lenen van een ander verhaal, en daar een eigen draai aan te geven. Zodoende zal dit verhaal je bekend voorkomen als je de animé/manga Black Butler kent, hoewel ik van het origineel weinig heb heelgelaten. Hoe dan ook wens ik je veel leesplezier toe, met dit ietwat lugubere, mysterieuze en bij tijd en wijle ook humoristische verhaal. Echt waarschuwingen hoeven er niet voor gegeven te worden, maar wel wil ik zeggen dat als je in God gelooft, je dit waarschijnlijk met opgetrokken wenkbrauwen zal lezen. Hoofdstuk 1 Anders dan in het nabije verleden, leek ieder begin van de dag hetzelfde te zijn. Marianne leefde geheel volgens de maatstaven van rust, reinheid en regelmaat, stipt en betrouwbaar, en gefocust op haar levensdoel. Eveneens was ze oneindig geduldig, waardoor progressie nauwelijks waarneembaar was. Het viel ook niet mee als alleenstaande jonge vrouw in 1923 met een eigen huishouden en een fortuin op haar bankboekje. Ze was negentien jaar oud en worstelde dagelijks met de zaken waar haar vader zijn grote geld aan had verdiend totdat hij plotseling stierf. Op zich zou ze ook zonder te werken kunnen leven totdat ze een rijke heer zou huwen, maar haar honger naar kennis was onstilbaar en haar bitterheid spoorde haar aan haar leven in eigen handen te houden. Altijd dacht ze aan haar vader, soms ook aan haar moeder en broer die tijdens hetzelfde ongeval om het leven waren gekomen, maar de man tegen wie ze op had gekeken eiste de meeste aandacht op. Ze miste hem verschrikkelijk; vooral zijn warmte, zijn kennis en zijn sociale vaardigheden. Zodra haar ogen zich openden, exact om zeven uur in de morgen, dacht ze eerst aan haar vader voordat ze opstond en vol moed aan een nieuwe dag begon waarin ze wijzer zou worden. “Goedemorgen, juffrouw!†De vrolijke stem was van Dominick, haar persoonlijk assistent. “Heeft u goed geslapen?†Zijn verschijning gaf iedere dag een beetje kleur aan haar bestaan, al zou ze dat niet toegeven. De toewijding waarmee hij zijn vak beoefende was bovennatuurlijk en naar Europese maatstaven gemeten behoorde hij tot de knapste der mannen. Hij zag er jong en aantrekkelijk uit, was altijd volgens de laatste mode gekleed, was goed gekapt en geschoren, had zachte handen met keurige nagels en hij rook naar sinaasappel vermengd met pepermunt. “Goedemorgen, Dominick.†Haar groet was een ongemeende beleefdheidsgewoonte. “Zet het vuilnis buiten.†Ze liep de keuken in en ontdekte, zoals iedere morgen, dat ze geen ontbijt voor zichzelf klaar hoefde te maken. “Al gedaan, juffrouw,†meldde Dominick die haar als een eendenkuiken gevolgd was. Als ze het niet dacht! Met een zucht ging ze zitten en wilde thee inschenken, maar voordat haar hand het oor van de theepot bereikte, hoorde ze Dominicks stem achter zich. “Laat mij dat doen, juffrouw.†Voordat ze protesteren kon, zat het hete goed al in haar theekopje. “De krant,†zei ze toen maar. Dominick knikte, draaide zich om en weer terug. “Alstublieft, juffrouw.†Hij maakte een nederig buiginkje toen hij de perfect gevouwen Leydse Courant aangaf. “Er staat een interessant artikel in over het museum in Parijs.†“Hoe weet je dat?†vroeg ze. De krant zag er ongelezen uit. “Juffrouw Marianne, u vraagt naar de bekende weg,†zei hij met een glimlach. Natuurlijk, ze betaalde hem goed voor zijn diensten, en hij kwam tot in de puntjes zijn contract na. Ze had hem nog niet kunnen betrappen op ook maar het kleinste oneffenheidje. Ook vandaag niet. Ze sloeg de krant open en zag bijna direct het artikel over het Louvre. Kijkend naar de letters en de plaatjes over de laagdikte van de verf van de Mona Lisa, deed ze alsof ze las. Intussen smeedde ze een relatief onschuldig plannetje om Dominick op zijn perfectie te testen. De jongeman in kwestie stroopte zijn mouwen op om een nieuw stuk turf op de kachel te gooien, zodat de temperatuur altijd aangenaam bleef. Het was nooit te warm of te koud in de salon van haar woning aan het Rapenburg en zelfs de manier waarop hij met de pook de smeulende restjes opzij schoof, had iets charismatisch. Tot in het kleinste detail wist Dominick hoe hij mensen kon behagen en verleiden. Het was geen straf om hem aan haar zijde te hebben, maar toch… Toch zette ze geluidloos haar theekopje op de krant, pakte het schoteltje en wierp het kostbare stukje porselein als een frisbee naar hem toe, in de verwachting zijn hoofd te raken. Echter, voordat dat gebeuren zou, ving hij het op tussen zijn duim en wijsvinger. “Mooie worp, juffrouw,†glimlachte hij. Ze wist niet of hij haar irriteerde of charmeerde. “Goed gevangen.†Ze stortte zich dan maar weer, met een broodje zachte kaas in haar hand, op de kunstcollectie van het Louvre. Het had geen zin om Dominick dwars te zitten. “U heeft vanmorgen les in de talen Engels en Duits en vanmiddag komt meneer van Wilgenburg u kunstgeschiedenis doceren,†informeerde hij haar nadat ze de krant had dichtgeslagen. Voor de talen moest ze naar de meisjesschool, de MULO aan de Haarlemmerstraat, waar ze les kreeg van een Zuster van Liefde van Onze Lieve Vrouw, Moeder van Barmhartigheid. Het was een behoorlijke titel voor een strenge non. Duits lag haar wel, Engels vond ze moeilijk, en het was nog veel moeilijker om vriendschap te sluiten met de andere leerlingen, aangezien zij allemaal uit een lager milieu kwamen. Bovendien was haar plek thuis. Van daaruit regelde ze haar bestaan en haar zaken; de aan- en verkoop van kunst, voornamelijk schilderijen. Ze kocht uit failissementen en van beginnende kunstenaars, ze verkocht aan snobs en mensen die erop gokten dat hun kunst meer waard zou worden. Haar vaders handel, ook al was ze onervaren. “Goed,†zei ze na haar laatste slokje thee. “Het is mooi weer vandaag. Ik kan wel lopend naar school.†Ze stond op en wierp nog een blik in de spiegel, die in een barokke lijst boven de schouw hing en oordeelde dat haar donkere, gewatergolfde kapsel haar beviel en dat haar gezicht wel een beetje kleur kon gebruiken. Snel stifte ze haar lippen in een donkerrode kleur en wilde haar stola om haar schouders draperen, toen Dominick ineens achter haar verscheen. Misschien was hij daar al die tijd al geweest en merkte ze hem nu pas op, maar hij was allerminst een spookverschijning; ze schrok er niet van. “Uw haren, juffrouw,†zei hij zacht. Daarna voelde ze hoe hij een kam langs haar kruin streek, gevolgd door zijn handen; voorzichtig zette hij haar nieuwe art-deco haarspeld achter haar linkeroor. “U ziet er goed uit vandaag.†Hij zei het iedere dag. Er was bijna niets wat ze zelf deed; telkens was Dominick haar voor. Hij opende de deur en sloot hem ook weer, maar voordat ze ook maar één voet voor de andere had gezet, stond hij klaar om haar te vergezellen. Aan zijn arm liep ze met hem langs de gracht. Hij droeg een koffertje waarin zich haar kroontjespennen en schrijfblokken bevonden, evenals twee woordenboeken en een hard gekaft cahier met grammatica. “Luister eens naar de vogels, juffrouw. Ze zingen u toe!†Even keek Marianne naar zijn gezicht en zag zijn ogen, die normaal bruin leken, maar in het zonlicht een rode gloed hadden. Zijn mondhoeken waren naar boven gekruld. “Wees niet zo dom, Dominick. Het is lente. In de lente zingen de vogels elkaar toe om een geschikte partner te vinden, zodat ze samen een nestje kunnen bouwen onder een dakpan. Een mens heeft daar geen enkele invloed op.†“Zoals u wilt,†zei hij serieus. “Ik zou het op prijs stellen als je me na mijn lessen alleen naar huis terug laat lopen,†meldde ze zakelijk. “En ik wil aardbeien bij de lunch.†“Zoals u wilt,†herhaalde hij. Het duurde ongeveer een kwartier om naar de school te lopen, een kwartier waarin hij aandachtig naar haar luisterde als ze iets zei. Als ze niets te melden had, zei hij ook niets terug, totdat de medeleerlingen van de MULO hen in de gaten kregen en zenuwachtig met elkaar spraken. “Je hebt weer eens de aandacht getrokken,†zei Marianne ontstemd. Ze wist maar al te goed waar de bakvispraatjes over gingen, namelijk over de nette jongeman die haar over de kinderhoofdjes van de Haarlemmerstraat leidde. “U kunt er maar beter van genieten, juffrouw. Zoals u weet, ben ik geheel en al van u en niet van hen.†“Weet ik,†antwoordde ze toonloos. Ook al had ze nooit spijt van het contract dat ze met Dominick had afgesloten, ze wist zeker dat de meisjes wel anders zouden reageren als ze zouden weten waarmee zij hem betaalde.
×
×
  • Create New...